Johanniter

Johanniter

De johanniter is een nieuw druivenras (1968). Ze is het resultaat van een kruising tussen riesling, seyve-villard, pinot gris en chasselas blanc. Haar kweker Johannes Zimmerman is de naamgever. De gelijkenis met de druif, de tros en het blad met die van de riesling is groot.

Synoniemen
De druif is gekweekt op het Duitse proefstation voor wijnbouw in Freiburg. Daar werd ze aangeduid als Geilweilerhof GA 49-22 of FR177-68.

Herkomst
De johanniter is ontwikkeld voor de aanplant in de noordelijke wijnlanden. Ze heeft een hogere resistentie tegen schimmels en is goed bestand tegen vorst.  Maar ze is gevoelig voor chlorose en vatbaar voor botrytis en zwarte rot. De johanniter kom je vooral in Duitsland en Zwitserland tegen. En ook in Nederland is de druif populair.

De wijngaard

Het zijn in Nederland vooral wijngaarden boven de grote rivieren die de johanniter aanplanten. De druif loopt vroeger uit en is ook iets eerder rijp dan de riesling. De trossen van de druif zijn compact. Net als die van de riesling. De scheuten kunnen wel 2 tot 3 trossen dragen. Dat is te veel. De wijnboer moet de bovenste tros verwijderen. Het is ook nodig dat hij de wijnstok goed snoeit. In natte jaren blijkt de johanniter gevoelig voor valse meeldauw.

De kelder

De wijnboer mag de nieuwste hybride druivenrassen gebruiken voor het maken van wijnen met een kwaliteitskeurmerk. Ze zijn geclassificeerd als Vitis vinifera. Dat betekent dat de johanniter in Nederland in elke BGA en in bijna elke BOB is toegestaan. Er worden dus hoge kwaliteitseisen gesteld aan de wijnen.

De Johanniter is een droge en fruitige wijn met een prima wijnsmaak, die veel overeenkomst vertoont met de riesling en de pinot gris. De druif gaat zowel solo als met een partner de fles in. Hij doet het goed in combinatie met de solaris. De johanniter leent zich prima voor het maken van een mousserende wijn. Dat laat onder andere De Frysling zien.

Rijping
De riesling heeft een broertje dood aan rijping op houten vaten. Daarin verschilt de johanniter van haar voorouder. Vooral in blends met solaris en soms met souvignier gris pakt de houtrijping goed uit.

Het glas

De kleur van de johanniter is strogeel. De wijn heeft de mooie zuren van de riesling en de kruidigheid van de pinot gris. Hij heeft aroma’s van groene appel en citrusfruit, meloen en perzik. En een snufje peper. De smaak is vol en fruitig. Het is een sappige en soms bijna fluwelen wijn. In de afdronk zit een klein bittertje.

Houdbaarheid
Het alcoholpercentage is 12,5  tot 13,5%. De johanniter heeft een bewaarpotentieel van tenminste 1 tot 3 jaar.

Serveertemperatuur

De serveertemperatuur is 9°C tot 11°C.

De combinatie

De milde smaken van deze druif combineren het best met minder uitgesproken gerechten. Denk aan asperges of een gerecht met forel of kip. De johanniter is ook een heerlijke wijn bij een goed boek.

De keuring

De johanniter ontpopt zich als de witte druif van Nederland. In de wijnen herken je de karakteristieke trekjes van de riesling en de pinot gris. Een heerlijke wijn!

Mooie stille wijn: De Frysling (Twijzel), Jorik – Kroon van Texel (Den Burg) en Josefien – Sint Martinus (Vijlen). Mooie mousserende wijn: Verenigde Achterhoekse Wijnbouwers (Vorden) en De Planck (Slenaken). Stille topwijn: Hof van ’t Hogeland (Groot Maarslag). Mousserende topwijn: De Frysling (Twijzel).

@DutchWine4You